Deel 8: Mijn gevecht

Ik moest stoppen met vechten tegen mezelf

’s Morgens stond ik al op met een heel zwaar gevoel. Daar was ie weer. De tranen prikten achter mijn ogen en het was wachten op dé trigger die ervoor zou zorgen dat alles eruit zou knallen.
Ik had vroeg in de ochtend een afspraak met mijn psycholoog en ik vertelde hoe de afgelopen twee weken waren gegaan en hoe ik mij voelde. Ik vertelde over de triggers, soms zo klein, die mij zo van mijn stuk konden brengen. Ondertussen stroomden de tranen over mijn wangen. Ik vertelde hoe het mij frustreerde dat ik niet kon doen wat ik wilde doen en dat ik tegelijkertijd geen idee had wat ik nu eigenlijk écht wilde. Ze keek mij recht aan en zei dat ik moest stoppen met vechten tegen mezelf. Ze vond dat ik veel te hard voor mezelf was en nog teveel van mijzelf eiste. Ze zei dat ik er op dit moment niks aan kon doen dat ik mij zo voelde, dat ik ziek was ten gevolge van mijn zwangerschap. En dat als ik een hoge bloeddruk zou hebben gehad en absolute rust moest nemen om de baby goed te laten groeien, ik er geen moeite mee zou hebben om alles te laten vallen. Een depressie is heel zwaar. Het is niet zichtbaar en de weg die je moet afleggen is loodzwaar en soms uitzichtloos. Er is geen ruimte voor meer. Als ik in loondienst had gewerkt zou ik nu in de ziektewet hebben gezeten, besloot ze haar relaas.

Ze adviseerde mij om mijn negatieve gedachten te blijven checken op waarheid

Ik voelde me zo gezien en erkend en tegelijkertijd werd ik mij zo bewust van het feit dat ik inderdaad tegen mijzelf aan het vechten was en ik mij nog steeds verzette tegen het feit dat ik nu gewoon niet in staat was om meer te doen dan aan mijzelf werken en er voor mij gezin zijn. Haar advies was om alert te blijven op al mijn negatieve gedachten en deze te checken op waarheid. Ik ging redelijk rustig naar huis, maar in de auto brak ik. Alles kwam eruit en ik heb na afloop nog een uur zitten huilen. Daarna was ik leeg.

Het was geen moment rustig in mijn hoofd

Na mijn laatste gesprek met de psycholoog werd ik mij extra bewust van de continue gedachtestroom die zich in mijn hoofd plaatsvond. Het was geen moment rustig in mijn hoofd. Ik was begonnen (op advies van de psycholoog) met het lezen en maken van de online zelfhulpopdrachten van Lentis en tijdens de module “piekeren”, werd voor mij duidelijk waarom ik zoveel piekerde. “Piekeren geeft je een gevoel van controle over moeilijke situaties in je leven. Door te piekeren hoop je een oplossing te vinden voor een probleem.” Eigenlijk heel simpel, maar voor mij vielen er ineens een heleboel puzzelstukjes op hun plek. Met enige weerstand begon ik aan het bijhouden van een piekerdagboek en plande ik geregeld een piekermoment in. Dat laatste klonk mij belachelijk in de oren en ik kon daar het nut nog niet echt van inzien, maar onder de noemer “baat het niet, schaadt het niet” heb ik mij eraan overgegeven. Al vrij snel merkte ik dat het wel degelijk nut had om een piekermoment in te plannen. Het idee van het piekermoment is dat je een kwartier lang non-stop piekert. Na dat kwartier kun je eventueel  al je piekergedachten uitschrijven. Als je na het piekerkwartier merkt dat je weer gaat piekeren, zet  je dit stop door bijvoorbeeld afleiding te zoeken. De piekergedachten bewaar je voor het volgende piekermoment.
Tijdens het piekerkwartier geef je alle aandacht aan al je gedachten. Ik kreeg daardoor heel erg helder welke gedachten ik überhaupt allemaal had en welk thema eronder lag. Na dat kwartier merkte ik echt verschil; het was rustig in mijn hoofd. Het voelde ook zinloos om later op de dag weer aandacht aan dezelfde gedachten te besteden (je blijft namelijk in een cirkeltje denken), waardoor het ook makkelijker werd om mijn gedachtestroom te stoppen. 
Daarnaast hielp het mij ook heel erg om te praten. Al mijn gedachten eruit te gooien en deze door een ander met een ander perspectief te laten belichten.

Ik moest gaan geloven dat ik er als persoon wel degelijk toe deed

Helaas bleven de, inmiddels bekende, downs niet uit. Al vanaf mijn puberteit is controle willen houden een van mijn copingsmechanismes. Dat leer je niet zomaar af. Ook speelde de angst om niet te voldoen/niet goed genoeg te zijn weer enorm op. Doordat ik gestopt was met werken, was ik veel meer op mezelf aangewezen. Dat kon ook niet anders, want er was simpelweg geen ruimte voor iets anders dan mezelf en mijn gezin. Maar het maakte ook dat mijn wereldje kleiner was geworden en dat ik mij soms erg alleen voelde. Ook begon ik te voelen dat de waardering die ik zo zocht bij anderen, maar heel even effect had. En soms zelfs helemaal niet. Ik moest mezelf gaan waarderen en geloven dat ik als persoon er wel degelijk toe deed. Bij dat gevoel komen was echter heel lastig. 
Ik durfde sowieso niet goed meer te vertrouwen op mijn gevoel, op slechte dagen voelde ik me zo dof. Dingen waar ik normaal intens van kon genieten, beleefde ik nu gelaten. Ik kon niet meer bij dat geluksgevoel komen. Op die dagen voelde de situatie zo uitzichtloos…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: